Ik heb u veel te lang links laten liggen, u veel te lang genegeerd. U riep en u riep, maar ik hoorde het niet. Uw stem ging verloren in de wind die door mijn leven raasde.
Ik ben stilte geweest, als de maan die alles overschouwt maar altijd haar afstand bewaart. Ik hulde mij in zwijgzaamheid, terwijl mijn leven vol was van woorden en beelden.
Ik heb ze neergeschreven, schrijf ze altijd op, maar niet hier. Ik heb u kwaad gedaan. Ik zal het goedmaken.
vrijdag 29 februari 2008
dinsdag 22 januari 2008
D+1
Om halftwee gistermiddag zag het er benauwd uit. Nog geen enkele pagina af, het was zoeken met de nieuwe typogrammen, rinkelende telefoons, hoofd- en andere redacteurs die druk heen en weer liepen. Maar we deden het. We deden het.
Om zes uur 's avonds was het leeuwendeel van de pagina's af. 'Lokeren' kon beginnen drukken.
Op het avondfeest hing een sfeer van trots en vrolijkheid. We hadden D-day overleefd. Het bier en de wijn vloeiden rijkelijk. Het walking diner was glamoureus, net zoals het hoorde. De desserten waren heerlijk. De speech van de grote baas was geïnspireerd.
Toen kwamen de witte mannetjes. Ze leken op die van Luminus, maar waren groter, véél groter. Ze deelden de eerste exemplaren van de nieuwe krant uit.
Vandaag, ondanks het slaaptekort, gingen we op ons elan door. We deden het opnieuw, lachend, serieus als het moest. Wij marcheren naar de toekomst.
First we take Manhattan, then we take Berlin.
Om zes uur 's avonds was het leeuwendeel van de pagina's af. 'Lokeren' kon beginnen drukken.
Op het avondfeest hing een sfeer van trots en vrolijkheid. We hadden D-day overleefd. Het bier en de wijn vloeiden rijkelijk. Het walking diner was glamoureus, net zoals het hoorde. De desserten waren heerlijk. De speech van de grote baas was geïnspireerd.
Toen kwamen de witte mannetjes. Ze leken op die van Luminus, maar waren groter, véél groter. Ze deelden de eerste exemplaren van de nieuwe krant uit.
Vandaag, ondanks het slaaptekort, gingen we op ons elan door. We deden het opnieuw, lachend, serieus als het moest. Wij marcheren naar de toekomst.
First we take Manhattan, then we take Berlin.
zondag 20 januari 2008
D-1
D-day -1. Morgen is het zover. Morgen voelen we ons Berliners. Morgen.
De spanning stijgt. Heerlijk om dit mee te maken.
De spanning stijgt. Heerlijk om dit mee te maken.
vrijdag 28 december 2007
Verjaardag van een vader
Jaren geleden, toen de winters nog bar waren en de straten gevuld met sneeuw, ging een vader met zijn kleine zoon sleeën. De vader trok de slee, over heuvels en door dalen, steeds verder, naar een bestemming die alleen hij kende. Het kostte hem moeite, want de zoon werd steeds zwaarder, maar de vader zette door, terwijl de kleine jongen lachte en kirde. Enige tijd later zweeg de zoon, maar zijn vader bleef doorgaan. Uiteindelijk bereikten ze hun bestemming. Ze stonden naast elkaar, vader en zoon, en keken uit over het dal. Toen zei de vader: “Nu moet je zelf de slee trekken.” De zoon, intussen groot geworden, keek zijn vader niet-begrijpend aan, maar deed het toch.
Jaren later besefte de zoon, die op zijn tocht heel wat moeilijkheden had gekend, dat ze in het niets verzonken bij de moeilijkheden die zijn vader had gekend om hem daar te krijgen waar hij begonnen was. Waarvoor dank, vader. Op jouw gezondheid.
Jaren later besefte de zoon, die op zijn tocht heel wat moeilijkheden had gekend, dat ze in het niets verzonken bij de moeilijkheden die zijn vader had gekend om hem daar te krijgen waar hij begonnen was. Waarvoor dank, vader. Op jouw gezondheid.
donderdag 22 november 2007
Bedrijfs-DNA
"We doen het uit passie voor de lezer." De man leunt wat achterover in zijn stoel, zijn linkerarm ligt losjes over de leuning van de stoel naast hem. "Dat bepaalt heel ons denken, hier. De passie voor de lezer. Het is de ziel van dit bedrijf, het DNA ervan."
Eén gedachte brandde op mijn lippen: Is dat niet wat iedere krant zegt? Niet helemaal. "Wij geven de lezer niet wat hij wil", gaat de man in de stoel voort. "We geven hem wel wat hij wil wéten, maar op een manier die wij belangrijk vinden." Met andere woorden, in de nieuwskeuze houden we de lezer in gedachten, maar in de vorm en de invalshoeken houden we vast aan de standaard die ons beroep ons voorschrijft. Zeg dus nooit meer dat we kranten maken voor het plebs, onnozele gazetten.
Een nieuw systeem, een nieuwe tijd. En ook al was ieder van ons erg sceptisch in het begin, we lijken ons ermee verzoend te hebben. Zoals een voetbalclub niet steeds even goed blijft draaien met dezelfde trainer, is ook in de journalistiek verandering nodig. It keeps us going, houdt ons enthousiasme gloeiend. Om het met de woorden van een oude voetbaltrainer te zeggen: "Sfeer ies goed". Nu nog schitterende kranten maken.
Eén gedachte brandde op mijn lippen: Is dat niet wat iedere krant zegt? Niet helemaal. "Wij geven de lezer niet wat hij wil", gaat de man in de stoel voort. "We geven hem wel wat hij wil wéten, maar op een manier die wij belangrijk vinden." Met andere woorden, in de nieuwskeuze houden we de lezer in gedachten, maar in de vorm en de invalshoeken houden we vast aan de standaard die ons beroep ons voorschrijft. Zeg dus nooit meer dat we kranten maken voor het plebs, onnozele gazetten.
Een nieuw systeem, een nieuwe tijd. En ook al was ieder van ons erg sceptisch in het begin, we lijken ons ermee verzoend te hebben. Zoals een voetbalclub niet steeds even goed blijft draaien met dezelfde trainer, is ook in de journalistiek verandering nodig. It keeps us going, houdt ons enthousiasme gloeiend. Om het met de woorden van een oude voetbaltrainer te zeggen: "Sfeer ies goed". Nu nog schitterende kranten maken.
zaterdag 13 oktober 2007
De glimlach van Goedele
"In Zwitserland is abortus toegestaan tot drie maanden na de zwangerschap..."Ik herinner me het journaaldebuut van Goedele Wachters, ergens begin september. In elk journaal dat ze sindsdien presenteerde, versprak ze zich een keer of drie. Elke keer loste ze dat op met een glimlach. Faut le faire.
Ik besef wat het is, op die stoel te zitten, in die helverlichte studio, je aandacht gericht op de woorden op de autocue, terwijl je in je oortje de regieaanwijzingen hoort, niet alleen die voor jou, ook voor de regieassistent in de studio. Ik weet wat het is, heb die wirwar van aanwijzingen vorig weekend nog ervaren vanaf de overkant, de regiekamer. Logisch dat Wachters zich naar eigen zeggen "nog niet voor 100% op haar gemak voelt in de presentatiestoel".
In ieder geval, met of zonder versprekingen, Wachters is een verademing voor het journaal. Het is de glimlach die het doet. Zelfrelativering trekt aan.
donderdag 11 oktober 2007
Woorden
All my life I've looked at words as though I were seeing them for the first time. (E.H.)
De ultieme verwondering; een schrijver.
zondag 30 september 2007
Voorbij
Aantrekking afstoting
als polen.
Ik, naderhand, te min.
Roestend,
rottend vlees.
Door haar hand-
gekerfde gedachten…
Lang geleden.
Ik slaag er nog steeds niet in
Haar weer aan te spreken.
als polen.
Ik, naderhand, te min.
Roestend,
rottend vlees.
Door haar hand-
gekerfde gedachten…
Lang geleden.
Ik slaag er nog steeds niet in
Haar weer aan te spreken.
maandag 17 september 2007
Jeroen Bernaer, eindredacteur
Dat ene moment waarop je de pen op het papier zet, je handtekening ziet verschijnen en je jezelf aan een droomjob bindt. En eindredacteur zijn bij Het Laatste Nieuws, dat is een droomjob. Vanaf nu, beste lezer, kan ik me aan u voorstellen als rasechte journalist. Geen stagiair meer, geen student, maar eindredacteur. Het voelt verdomd goed.
zondag 16 september 2007
Toen je de bergen zag
I
Je hoeft niet meer te lachen,
lieve schat,
drink je glas leeg.
Je voelt je beter
nu,
Terwijl ik bedenk
je ogen vol blauwe weemoed,
opkijkend in de nacht,
dat we dansten,
jij, sexy,
lichaamsvreugde,
en later,
verrukkelijk wervelend
in koud wintermiddaglicht op het perron.
Eens liet ik je de bergen zien,
Je sloeg je armen om me heen,
hield me
vast als een gevangene,
tot ik zonk
in meren van
door zout verdorde takken.
Het was toen dat je de bergen zag.
II
De maan komt op boven de stad,
terwijl ik dwaal door helverlichte lanen,
het kilbleke licht
van een droom,
maar erbuiten zweeft duisternis.
Ergens slaat een klok vijf uur,
ergens kotst een hond.
Deze stad kent de bergen niet.
Hier rusten doel noch identiteit,
als de man die ’s nachts wakker wordt
en ongemerkt zijn huis verlaat.
Midden in de stilte
en het kille licht
weerklinkt de gedachte aan
gebroken akkoorden uit een elektrische gitaar.
Niet jouw woorden, niet jouw stem.
Ik weet niet waar je gebleven bent.
III
Ik werd wakker op een vreemde plek.
De muziek was er luid,
de ritmes veranderden als de tijden,
als gemoedswisselingen
door de whiskey die ik drink,
dronken boeddha,
wachtend
tot jij terugkeert,
Kleine engel,
met je ogen vol weemoed.
Je had je vleugels verbrand,
tot ik je weer leerde vliegen,
in diepgeel februarilicht.
Het was toen dat je de bergen zag.
En mij vergat.
Drink je glas leeg,
lieve schat.
Je voelt je beter nu.
Je hoeft niet meer te lachen,
lieve schat,
drink je glas leeg.
Je voelt je beter
nu,
Terwijl ik bedenk
je ogen vol blauwe weemoed,
opkijkend in de nacht,
dat we dansten,
jij, sexy,
lichaamsvreugde,
en later,
verrukkelijk wervelend
in koud wintermiddaglicht op het perron.
Eens liet ik je de bergen zien,
Je sloeg je armen om me heen,
hield me
vast als een gevangene,
tot ik zonk
in meren van
door zout verdorde takken.
Het was toen dat je de bergen zag.
II
De maan komt op boven de stad,
terwijl ik dwaal door helverlichte lanen,
het kilbleke licht
van een droom,
maar erbuiten zweeft duisternis.
Ergens slaat een klok vijf uur,
ergens kotst een hond.
Deze stad kent de bergen niet.
Hier rusten doel noch identiteit,
als de man die ’s nachts wakker wordt
en ongemerkt zijn huis verlaat.
Midden in de stilte
en het kille licht
weerklinkt de gedachte aan
gebroken akkoorden uit een elektrische gitaar.
Niet jouw woorden, niet jouw stem.
Ik weet niet waar je gebleven bent.
III
Ik werd wakker op een vreemde plek.
De muziek was er luid,
de ritmes veranderden als de tijden,
als gemoedswisselingen
door de whiskey die ik drink,
dronken boeddha,
wachtend
tot jij terugkeert,
Kleine engel,
met je ogen vol weemoed.
Je had je vleugels verbrand,
tot ik je weer leerde vliegen,
in diepgeel februarilicht.
Het was toen dat je de bergen zag.
En mij vergat.
Drink je glas leeg,
lieve schat.
Je voelt je beter nu.
Abonneren op:
Posts (Atom)