Plots zag ik hem, wachtend op het perron. Ivan Sonck. Mager en elegant als altijd, met de beheerste bewegingen van een gentleman, en gekleed in een grijze broek, donkere coltrui en bruine vest. Alleen zijn haar was aan de slapen wat grijzer dan sinds ik hem het laatst had gezien.
Hij nam plaats in dezelfde coupé als ik, aan de overzijde van het gangpad. Tegenover me kwam een jongeman zitten, een student nog, met een krullenbol die bij kinderen vaak schattig wordt genoemd. Hij droeg een stoer, schreeuwerig T-shirt dat zich om zijn biceps spande. De muziek in zijn oren stond luid en was duidelijk hoorbaar boven het gekreun en gesteun van de wielen op de sporen. De hele tijd staarde hij strak uit het raam, onontvankelijk voor de aanwezigheid van de magere man die op enkele meters van hem ook uit het raam keek.
Dat gebeurt er dus met monumenten. Ze worden vergeten. Met elke nieuwe generatie een beetje meer.
zaterdag 7 november 2009
woensdag 4 november 2009
Le temps perdu
Vanuit de auto zag ik hen zitten, op een plek waar ik normaal zelfs geen acht op sla. Een jongen en een meisje, zwijgend tegen elkaar geleund, niet lettend op de diepgele en rode bladeren die om hen heen dwarrelden en de grond steeds dikker bedekten. Ze leken niet te wachten op iets of iemand, maar zaten daar gewoon, te genieten van het koele herfstlicht om hen heen.
Ik kon het niet helpen te denken aan een warme ademtocht die richting de sterren kringelt, een koude kriebel over iemands rug en rimpels in een plas regenwater die even de perfecte weerspiegeling van de hemel en een hangende esdoorntak verstoren.
Zoveel mooie momenten, zoveel mooie beelden, zoals een man die in zijn eentje zit te schrijven op een bank op het perron. Hij buigt zich over het papier en vergeet de piepende, slissende remmen van voorbijschuivende treinen, het geklos en gebonk van de stalen wielen op de sporen, de lege of fronsende gezichten om hem heen. Tot de zon plots door de wolken breekt en zijn gezicht verwarmt.
Zoveel mooie momenten, maar geen tijd om ervan te genieten.
Ik kon het niet helpen te denken aan een warme ademtocht die richting de sterren kringelt, een koude kriebel over iemands rug en rimpels in een plas regenwater die even de perfecte weerspiegeling van de hemel en een hangende esdoorntak verstoren.
Zoveel mooie momenten, zoveel mooie beelden, zoals een man die in zijn eentje zit te schrijven op een bank op het perron. Hij buigt zich over het papier en vergeet de piepende, slissende remmen van voorbijschuivende treinen, het geklos en gebonk van de stalen wielen op de sporen, de lege of fronsende gezichten om hem heen. Tot de zon plots door de wolken breekt en zijn gezicht verwarmt.
Zoveel mooie momenten, maar geen tijd om ervan te genieten.
Abonneren op:
Posts (Atom)